Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeren, God en Mammon, begint den eene reeds te haten, en die eene is God... voortaan zal hij niet meer schertsen over de heilige dingen; er is een verbittering over zijn ziel gekomen, omdat hij door den grooten Zwijger bestraft en vernederd is. Duizendmaal meer dan het spreken van Johannes, heeft hem het zwijgen van Jezus in het geweten gegrepen. Wat dunkt u: is de Christus Gods hier ook aan zich zei ven getrouw gebleven? Heeft Hij hier ook de waarheid getuigenis gegeven? Heeft Hij zich hier ook Koning betoond? Is Hij hier ook als Heiland op de redding van een zondaar uit geweest?

Een lam, dat ter slachting geleid wordt, een schaap, dat verstomt voor zijn scheerder,... zoo staat des Menschenzoon voor den viervorst van Galilea,... toch de groote Zwijger, de leeuw uit Juda's stam.

In zijn reiswagen zit op den weg, die van Jeruzalem naar Gaza voert, een aanzienlijk man, en hij leest aandachtig. Men kan het hem aanzien, dat hij geheel in beslag genomen wordt, door wat hij leest. Hij leest hardop en bemerkt het eerst niet dat een man zich bij den wagen voegt en toehoort, tot dat op eens een hem vreemde stem hem doet opzien en de vraag hem tegenklinkt: „verstaat gij ook wat gij leest"? Hij is niet toornig om die stoornis. Hij vindt die vraag niet onbescheiden. Hij is veeleer verrast en is geneigd om in dien vreemdeling een bode te zien door God hem gezonden, dien God, dien hij

Sluiten