Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van den socialen toestand geweest, die pogingen aangewend hebben dezen in hun tijd te verbeteren, en die ook het vraagstuk der volksvoeding in den kring hunner plannen en verbeteringen opgenomen hebben. Dat de voeding een groot aandeel in het sociale welbehagen van een volk heeft, behoeft wel geen betoog. De regeling der voeding is de eerste voorwaarde voor een geordenden staat en maatschappij; maar zij is niet de spil, waarom alle sociaal-politieke streven draait, noch het einddoel, waar naar het streeft; zulk een streven is er slechts op gericht, voor allen de gunstigste maatschappelijke omstandigheden te scheppen. Slechts de Vegetariërs beschouwen de voeding als het fundament voor elk systeem van staathuishoudkunde.

„Het Vegetariaat," zegt Th. H a h n, „moet de grondslag zijn van alle maatschappelijke hervormingen. Men redeneert over politiek, handel, scheepvaart, legers, annexaties en successies, verbonden en constituties ! Van hoe weinig gewicht zijn zij, in vergelijking met het hoogst belangrijke vraagstuk van spijs en drank I"

Ofschoon in minder pootige bewoordingen, dan deze driftige kemphaan, wien mèt het temperament het verstand is op hol geslagen, hebben toch de beste vertegenwoordigers van het Vegetariaat in de litteratuur dezelfde meening verdedigd. E d u a r d B a 11 z e r, heeft immers aan het tweede deel van zijn beroemd boek, „De natuurlijke leefwijze, de weg tot gezondheid en geluk", den beteekenisvollen titel gegeven: „De hervorming der staathuishoudkunde." Hij zegt daar op pag. 24:

„Uit eene nauwkeurige beschouwing van deze feiten, blijkt ons voldoende dat het vegetarische diëet een allerbelangrijkst economisch grondbeginsel is, dat door de wetenschap in alle richtingen moest nagegaan worden en in een statistiek vereenigd."

Deze wijze van wetenschappelijke staathuishoudkundige beschouwing is een eigenschap van de vegetarische manier van denken. Hoe rijk de oude cultuurlanden, maar vooral de beide laatste eeuwen, geweest zijn aan hervormingspogingen op sociaal gebied en aan staathuishoudkundige verbeterings-systemen, hoe ver de nieuwere sociaal-politieke grondbeginselen der staathuishoudkunde ook reiken, hoe veel de meeningen der voornaamste

Sluiten