Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

langt in den regel, na zijn dood in persoon voort te leven; de strenge Buddhist vordert even stellig, dat er aan zijn persoonlijk bestaan, waai in geene bevrediging te vinden is, voor goed een einde kome. De eerste vertrouwt gaarne op de gunst van den almachtigen schepper der dingen, en vervalt licht tot wanhoop waar dat vertrouwen hem begeeft; de ander verlaat zich op eigen macht tot bepaling van zijn lot, en verwerpt als gevaarlijke ketterij de leer van een schepping der wereld door eenig hooger wezen. Dezelfde stellingen zullen bij den een onrust en angst verwekken, die den ander zijn hoogsten troost en krachtigsten steun verleenen, zooals liet leerstuk der voorbeschikking, ot de afleiding van recht uit macht. Het zoogenoemde determinisme, volgens hetwelk alles in de wereld, ook onze wilsbepaling, door het daaraan voorafgaande onvermijdelijk is geworden, is hem welkom die zich, hoe dan ook, gedragen denkt door een algemeene orde, waarin hij met alwat hij onderneemt de plaats heeft die hem van nature voegt. Het wordt door anderen voortdurend en met nadruk afgewezen, omdat zij daarin geene ruimte vinden voor eigen verantwoordelijkheid, en dus voor het zedelijk leven dat zij begeeren. Beide partijen willen den mensch door beginselen veeleer dan door aandriften bestuurd zien, en hiervoor is hetzelfde volgens den een een onmisbare voorwaarde en volgens den ander een beletsel. Een wijsbegeerte die het gemoed van beiden voldoen zou, is niet wel denkbaar. Alleen zou in den loop van een onpartijdig onderzoek aan den dag kunnen komen, wat wij van het vraagstuk en van de wezenlijke behoeften van den mensch te denken hebben, en hoe door eenzijdige beschouwing die partijverdeeling, en die maar half gerechtvaardigde verzekerdheid en bezorgdheid, ontstaan. En zoo

Sluiten