Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zooverre kan er nergens van „toeval" sprake zijn. Doch zoover de ergens beschikbare kennis, of zelfs de meeste kennis waartoe een beperkt wezen het vermag te brengen, ons veroorlooft het gegeven geval te beoordeelen, — ontbrak er nog veel aan de noodzakelijkheid voor deze, of voor een zoodanige gebeurtenis, en moest dat, door iets bijkomstigs uit liet onbekende, oogenschijnlijk ongeregelde gedeelte der werkelijkheid, door een „toeval", worden aangevuld. Het minder waarschijnlijke geval ') had aan dat toeval de meeste behoefte om zijne geringe kans tot de volle 100 percent te verhoogen en het werkelijk plaats te doen vinden. Zoo opgevat, is het „toeval" een geoorloofd begrip voor het eindige denkende wezen, al is liet slechts een hulpbegrip, en voor een beschrijving van het zijn en gebeuren, zooals dat onafhankelijk van onze kennisneming plaats vindt, niet te gebruiken.

13de Hoofdstuk: Toerekening van werkzaamheid.

Wanneer ons de onmisbare onderstelling eener standvastige orde tot het denkbeeld leidt van de eens voor altijd door diathese en wetten bepaalde („gedetermineerde") wereld, dan schijnt daarmede onbestaanbaar te zijn de erkenning van verplichting en verantwoordelijkheid, ja van het werkzame wezen dat bij de eene en de andere wordt medegedacht. Elk voorval, elk begin van een staat van zaken, is de uitkomst van een vorigen toestand en van krachten die daarin verandering brengen. Die toestand, en de

Minder waarschijnlijk in vergelijking met „eenig ander" bedrag of „cenigen anderen" persoon binnen de speelruimte. Een voor een beschouwd, bad elk bedrag of elke persoon daarbinnen dezelfde kans.

Sluiten