Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Precies om elf uur ging hun eentonig geroep op: „Messieurs, faites vos jeux!"

Ieder mannetje, ieder vrouwtje zette zijn goudstuk, zijn zilverstuk, een enkele zijn biljet op een nummertje, of een vak. Het leek onschuldig, als een avondpartijtje, waar de kinderen om een lange tafel aan 't ganzeborden gaan. Maar Paulus wist, dat het hier ging om 't bloed en 't zweet van duizenden arbeiders, wier arbeidskrachten in dat schandelijke goud vertegenwoordigd waren. Die rijkgekleede dames en heeren, schijnbaar correct en fatsoenlijk, speelden hier met de misère en den honger en de langzame uitmoording van duizenden slaven en sloven, die de productie voor hen moesten voortbrengen in kommer en gebrek.

Daar knetterde het ivoren balletje in de langzaamdraaiende roulette. De roode gezichten volgden in spanning het kleine, witte, ratelende knikkertje, of hun leven er van afhing. Onverschillig riep de croupier met zijn monotone stem:

„Treize! Noir, impair et manque!"

En het onzalige spel met duizenden en duizenden ging door, terwijl daar ginds, ver, in vele streken, over de gansche wereld armoe en gebrek woedden, en de proletariër vocht om zijn levensbehoud, voor zijn vrouw en kinderen, met den honger als wapen . . .

Een bittere verontwaardiging welde in Paulus •op. O! Het onrecht! Het onrecht! Overal triomfeerde

Sluiten