Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

billijke waardeering blijk te geven, heeft niet het minst op de néoehrétiens zijne pijlen gericht. Wie den oorsprong van het neocatholicisme wil bestudeeren,. moet volgens hem letten op een menigte factoren, welke hebben samengewerkt. «Onder die alle wordt er echter één gemist, en dat is de Christelijke; daarvan is schijn noch schaduw aanwezig. Maar wel vallen in dit troebel ideaal te onderscheiden een zekere levensmoeheid, de verachting van het heden, het spijtig terugverlangen naar een verleden, dat men ziet door den bedriegelijken sluier der kunst, de lust in het wonderspreukige, de behoefte aan iets singuliers, de aspiratie van overprikkelden naar eenvoud, de kinderlijke aanbidding van het wonderbare, de ziekelijke bekoring van droomerijen, geschokte zenuwen — kortom een vertwijfelde noodkreet deizinnelijkheid."

Wij gelooven, dat het hier uitgesproken oordeel, geveld voornamelijk met het oog op Huysmans, zeker onbillijk zou wezen, indien men het liet gelden voor alle néoehrétiens, maar toch ligt er stellig een goed deel waarheid in opgesloten. Voor zoover de jongeren zich bij de Kerk van Rome hebben gevoegd, is dit geschied ter wille van het verleden, gezien met het oog van een kunstenaar; de aansluiting is van aesthetischen aard en vindt hare motieven vooral in den glorierijken tijd der middeleeuwen. En wederom is het een aesthetische

MYSTIEK. 8

Sluiten