Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

echter droomde hij den droom van een Marcus Aurelius.

Maar nu was er geen kinderlijk blond moedertje, dat zich met bezorgheid over haar onrustigen jongen heenboog om zijn onstuimige droomen weg te kussen.

Nu was het zijn vader, die, onder de nog versche indrukken van hun gesprek, zich dien avond voor het eerst van zijn leven afvroeg, of zijn opvoedingssysteem voor die natuur toch eigenlijk wei het juiste was geweest, of er ook menschenzielen zijn die met een hechte borstwering van dogma's tegen zichzelf beschermd moeten worden.

Het was bij uitzondering dat Meryan heden avond draalde met naar zijn studeerkamer te gaan. Als na de thee, tegen halftien, Baby naar bed ging, haastte hij zich zijn gewonen avond-arbeid te gaan verrichten. Ditmaal echter bleef hij, na het heengaan van het kind, afgetrokken turen in zijn courant die hij van a tot z gelezen had. Barthold was om acht uur reeds uitgegaan.

Hij bevond zich dus met zijn vrouw alleen, en hun tête-a-tête op dit uur was zoo ongewoon, dat zij zich bijna vreemd te moede gevoelde. Als Meryan niet op zijn bureau was of in zijn studeerkamer waren de kinderen meest altijd om of bij hen en dit bracht dan de noodige animo en gezelligheid aan. Zijn drukke hem geheel in beslag nemende werkkring en de zucht om al zijn vrije oogenblikken aan de kinderen te wijden, ontnam hem met de jaren meer en meer de behoefte aan eenigen vertrouwelijken gedachten-omgang met zijn vrouw. Nu en dan, wanneer hij in hare tegenwoordigheid met zijn zoon een ernstig onderwerp behandelde, sprak zij een enkele maal wel eens mede, maar meestal luisterde zij niet, of wel het behandelde ging hare bevatting te boven, en om opheldering vragen deed zij liever niet. Zij achtte het niet goed dit te doen. Zij was zich bewust van weinig dingen af te weten en vreesde dus niet dadelijk te begrijpen en Meryan ongeduldig te maken. En zoo heel erg interesseerden die vreemde dingen haar ook niet. Zij zag hoog tegen haar man op en was er steeds op uit hem alles te besparen wat hem ook maar eenigszins hinderlijk of onaangenaam kon zijn. Maar als zij eens een enkele maal onder vier oogen tegenover elkaar zaten, voelde zij zich niet op haar gemak, dan betrapte zij er zich wel eens op naar

Sluiten