Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijke huisvrouw en de moeder mijner kinderen te worden."

Johan's toon werd gemoedelijk, ernstig bijna. Hij begon al redeneerend zichzelf au sérieux • te nemen. Nu echter dreigde het gebouw op zijn vaders argeloosheid gegrond topzwaar te worden. Deze was thans geen seconde zijn dupe, doorzag hem geheel. Maar terwille van het decorum achtte hij het niet ondienstig de stuitende naaktheid der feiten met wat goudverf van woorden te bedekken. Johan's huwelijk met een meisje, dat eenig kind en millionaire was, overtrof zijn stoutste verwachtingen, maar tevens pijnigde hem het besef van den moreelen afstand tussclien hem en zijn eigen zoon. Alles wat er in deze oogenblikken in hem omging, verzweeg hij echter; en Johan's laatste woorden beantwoordde hij op een toon die alle scherpte verloren had en waarin zelfs een zekere matheid was te bespeuren:

„ Ik zal niet ontkennen dat je verloving met Alida Molten me zeer verheugt. Maar dit neemt niet weg dat ik ten diepste betreur je verhouding tegenover freule de Martignel. Zoolang het nu nog geheim blijft, verzoek ik je ernstig je tegenover haar te gedragen als iemand die met een andere verloofd is. Dat meisje

heeft door haar ongeluk recht op meer dan gewone égards, en in mijn huis zullen haar die bewezen worden, daar sta ik op!"

„ Maar ik kan haar toch niet plotseling onbeleefd gaan behandelen," zeide Johan de schouders ophalend.

„Ik geloof dat je intelligent genoeg bent, om precies te weten wat en hoe ik het bedoel," antwoordde zijn vader opstaande en hem te kennen gevend dat hij het onderhoud als geëindigd beschouwde.

En Johan zeide niets meer, ging heen, en besloot gemakshalve maar te doen wat hem gezegd was. Het moest dan ook nu maar ineens uit zijn, dacht hij bij zichzelf. Nu hij het voor hem zoo pikante spel toch niet langer kon voortzetten, dat fijne blosje op het prachtige blondine-teint niet meer kon zien komen en gaan, of de gouden phosphorische tintelingen in de oogen als achter een sluier zien wegzinken zoodra hij zich eenigszins koel betoonde, nu moest er ook maar een einde aan komen. Jammer toch het zou hem nog in lang niet verveeld hebben.

Was hij ooit verliefd op haar geweest? Neen, hij geloofde van niet, daarvoor had die conquête hem te weinig moeite gekost. Wel had hij dat prachtige wezentje tot maitres willen hebben. Was zij maar uit een anderen stand geweest.... een bonne of kinderjuffrouw of zoo iets. Maar dan had zij ook weer dat

Sluiten