Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Niet, begrijp je het verband niet? Dat komt omdat jullie hervormers, moralisten, socialisten, idealisten, of hoe jelui verder heeten moogt — omdat jullie, even als sommige fakirs naar de punt van hun neus, altijd je oogen naar één punt gericht houdt, en nooit denkt aan iets wat duizendmaal krankzinniger is dan de

verhouding tusschen arbeid en kapitaal de verhouding tusschen

de beide geslachten!"

„ Daar denken wij wel degelijk aan, want het eene is als samengeweven met het andere. Toch begrijp ik in dit geval volstrekt niet wat je bedoelt. Al kon de maatschappij van vandaag op morgen een paradijs worden, dan nog zou daarmeê niet worden opgeheven het volkomen natuurlijk verschijnsel, dat A houdt van B, en B niets geeft om A, maar zijn zinnen heeft gezet op C en zoo vervolgens."

„Zeker, maar dat is de kwestie niet. Ik wil zeggen, dat juist op den leeftijd, dat wij jonge mannen meest allen nog idealisten zijn, en vooral liefde ons nog in haar meest poëtischen vorm voor

de verbeelding zweeft een jong meisje nog voor ons heeft

iets heiligs, iets madonna-achtigs, door ons zelf niet in gedachten te ontwijden, — dat wij juist op dien leeftijd plotseling, zonder overgang, de laagste, meest verdorven vrouwelijke creaturen leeren kennen, waarvan wij zeiven walgen meestal, en die niettemin onze verbeelding verontreinigen voor altijd, ons voor eeuwig ontnemen dat mooie gelukkige gevoel, dat een eerste jeugdige liefde ons geeft. Onze levens-initiatie, die in deze miserabele wereld nog een der weinige belangwekkende en ideale momenten kon vertegenwoordigen, gaat veelal met afschuw gepaard. En dan

later is dat mooie zielverheffende voor goed weg, zijn wij niet

meer bij machte voor een reine vrouw datgene te voelen, wat zij waarschijnlijk voor ons voelt. Daar heb je nu je eigen zuster. Die vluchtige kinderlijke opwelling zal natuurlijk, als zij niet gevoed wordt, spoorloos vootbijgaan. Maar stel dat ik toevallig in dezelfde stad woonde en wij elkaar dagelijks ontmoetten.... wat zou ik dan misschien door die onschuldige naïeve meisjesverbeelding verheven worden tot een halven god.... terwijl zfj, indien zij mij

kende, mijn opvattingen, mijn verleden natuurlijk van me zou

gruwen!"

Niets had Barthold meer kunnen verbazen dan deze uitval. Hij zag den spreker in verstommnig aan, en deze bemerkte het.

„Dat had je niet gedacht, wel, dat een cynicus als ik zich nog over zaken van sentiment zou opwinden!...." zeide hij,

Sluiten