Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XXXI

Zeg niet dat ik een kind ben, kind'ren zijn

Zoo wreed, in-wreed: — zij minnen o zoo teer Hun lieve popje — popje geldt hun meer

Dan vrindjes daags — ze ontwaken met gegrijn,

Als zij 't niet bij zich voelen in hun klein Bedje,'en zij zoeken driftig heen en weer Onder het dek en troosten zich niet eer

Voor zij 'taan hun behuilde wangen vlij'n.

En de' and'ren dag rukken ze aan arm of been Van 't arme popje, en strooien zaagsel rond Uit het gescheurde lijfje, als popjes bloed;

En als 't héel^Stuk is dansen ze er omheen, Of slepen 't aan een touwtje langs den grond, En gieren 't uit, dat pop zoo grappig doet.

Sluiten