Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tafel slaand. „Deruit met je meneer, deruit!"

Met groot geweld ging hij nu stoelen bij de leuning oppakken om ze met een bonk weer neer te zetten.

De voogd kon tegen zooveel overtuiging niet op; en ging er uit.

Antoine liep hem na. Hij was gansch verslagen.

„Nou zijn we verloren, nou krijgen we nooit het geld".

Heel zijn illusie van een overwinning op vader door den familieraad was weg. Een poosje lang liep hij zwijgend naast zijn voogd; zij — hij en de voogd en alle andere mooie, fransch sprekende meneeren in gekleede jassen — waren verloren.

„Een beest die vader van me, hef' zuchtte hij eindelijk.

„Och .... ja", stemde de voogd luchtigjes toe. „Maar we zullen hem wel klein krijgen!"

„Zou het nog gaan?" vroeg Antoine, zich verkneuterend alleen in die woorden, die van moed en dus van adellijk bloed getuigden, want zijn hoop was en bleef weg.

Eigenlijk had de voogd niets anders dan zulk een scène verwacht en dus wijselijk het calamiteuse

Sluiten