Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de beestachtige driften. Eens had vader in een ongewone goedmoedigheid over een afgedaan werk en een met groote woordfanfares ontslagen en uit de werkplaats gejaagden knecht, geprobeerd een beetje toenadering tusschen hem en zijn kind tot stand te brengen. Het was begonnen aan tafel op een Zondag.

„Neem nog een stukkie", had vader ruw bemoedigend tot Antoine gezegd.

Het zoontje had even nieuwsgierig verwonderd opgekeken en had daarop, vast besloten het juist nu niet te doen, een schaal vleesch, die hij pas in de hand hield, neergezet. Toen onverdroten nog, na het eten was vader gaan bladeren in een leerboek van Antoine, dat op den schoorsteen lag.

„Figuurtjes ... plaatjes" had hij met futselende vingers gemompeld „heel aardig".

Antoine deed met opzet, alsof hij niets hoorde en stond fluitend door het raam te kijken.

Yader's belangstelling voor de plaatjes was gauw gedaan; en hij ging voor het andere raam staan in een opdringende, veel op die van Antoine gelijkende, houding. Zijn kaken kauwden langen tijd. Antoine merkte daaraan, dat hij nu nog eens

Sluiten