Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook, ooit waar, dat hij het leven leed, dat een slag, een tred van lijden, of verdrietelijkheid hem trof. Hij leefde niet passief, tusschen hem en de buitenwereld was geen verband, dan dat hij 's ochtends aanvloog als een magneet op het ijzer en de schoft doorwerkte, om dan juist op het uur van rusten, luid smakkend en gehaast zijn maal uaar binnen te kauwen. Daarna werkte hij weer tot den avond en dronk dan in de kroeg van het slechte bier, dat daar voor vijf ceut een halven liter werd verkocht. Hij werkte maar, met volle aandacht en onbepaalde zorgelijkheid, zijn leven staarde zich uit op de staven, die een knecht hem gloeiend bracht en de gang van zijn bestaan was de hamerslag, die zijn armelijk denkleven goot in zi)u werkstuk.

Op een dag, zoo het ijzer beukend met de zorgelijke hand van een vader die zijn kind kastijdt, vloog er een gloeiende splinter tegen zijn oogkas, het licht niet rakend, doch eeu breede, diepe wonde brandend over de wenkbrauw en het jukbeen. De wond genas nooit geheel: het bleef een bleeke, gevoelige plek, die bij de minste oorzaak overvuld werd door een golf bloed en aan

Sluiten