Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat hij niet twijfelde of zij zouden hem toch niet kunnen missen. Hij teekende immers, en wie zou moeten teekenen behalve hij ? En dan, hij deed thans ook het werk van het boekhoudertje. Intellectueel beheerde hij dus de heele zaak. Ze konden niet buiten hem!

Moeder schepte op. En Nol zei dadelijk met een venijnig knipoogje als bij begroeting: „Dag meneer .... opvreter !"

„Nou . .. nou," bezadigde moeder die niets voelde voor een uiteenzetting.

Antoine zei nog niets!

„Ik ben voor de coöperatie, vader,'' begon Nol dadelijk daarop, maar nu heel kalm, te redeneeren. „Een coöperatie, vader...."

Job slurpte soep: met zware hoorbare persingen van zijn slokdarm gingen de gudsen naar beneden. Zijn lichaam werkte als moest er puin verbrijzeld worden en als worstelde het eten tegen het lot verteerd te worden door het groote lichaam.

„.. .. een coöperatie, vader, is een verdeeling van den arbeid en van de wiust, dat 't een tegen het andere opweegt. Je geeft zooveel uit aan ijzer, zooveel aan je gereedschappen, je krijgt

Sluiten