Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wel eens kon bezoeken. Hij glimlachte bij het idee, dat op die manier wel een honderd gulden weg zou gaan. Maar het deed er niet toe, hij had immers zijn lijfrente; die zes honderd gulden waren eigenlijk niets dan overbodig geld. Een zeer rijke, een millioinair of iemand, die handel drijft, behoort spaarzaam te zijn. Hij niet. Ook was het wel een reverentie tegenover zijn groot voorgeslacht, dat hij nu eens in zijn leven kwistig was met geld. Zij hadden ook zoo geleefd en uit beleefdheid tegenover zichzelve wilde hij toonen, dat hij grand seigneur kon zijn.

's Avonds was Antoine lichtelijk dronken van een flesch wijn, die hij bij zijn avondeten in een restaurant had gebruikt. Hij vond het zeer vroolijk die fijne, meer aesthetische roes, gekregen door een duren drank en in een weelderiger omgeving, dan waaraan hij gewoon was. Twee dagen leefde hij zoo in overbodige uitgaven, zijn geld verterend en telkens den dag eindigend in een restaurant, dat hij in, door fijnere vreugde gesierde dronkenschap verliet. Eens in een brutaliteit, die hem een oogenblik half ontnuchterde, riep hij op straat een rijtuig aan en liet hij zich naar huis rijden.

Sluiten