Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

afvraagt: zijn er zoo? die is het spoor van Jan Karper's ervaringen bijster, want in gemoede verzekert hij dergelijken twijfelaar, dat zijne schetsen ver blijven beneden de werkelijkheid. Men dient over de pen te kunnen beschikken van den auteur, die het kantoor der firma Ouwentijd & Kopperlith heeft geteekend, om dat van Hengelaar & Co. uit te beelden in lijnen en omtrekken hunner waardig.

Die doozen van de bovenste plank! Het stof van jaren had er zich op vergaard in een dikke vette laag. De ironie van het oogenblik wilde, dat er geen doek aanwezig was, om aan het verlangen van Hengelaar en Verkerker te kunnen voldoen. De onhebbelijkheid van den hoofdman steeg tot het kookpunt, te midden van kisten, pakketten en paperassen, waarmede de vloer in minder dan geen tijd was bedekt. Het elfde uur had geslagen, de koelies mochten hun nachtverblijf zoeken, de onontbeerlijke rust werd hun genadiglijk gegund. Wat zou de morgen brengen?

Een regenachtige Novemberdag. In de luxe-stad modderige straten, waarlangs de tocht zou worden ondernomen naar het Langhouter paradijs. Vóór de staatsiedeur een der lange moderne vervoerwagens, ter berging van des hoofdmans luxueus Gravenoordsch meubilair.

„Alle hens aan dek!" Het schip van den staat, de „Rhodeso-Neerlandica", maakt zich vaardig voor eene wijle open zee te kiezen, om weldra te belanden op veilige rêe. De jongens van Jan de Witt zijn duchtig in de weer. Schout-bij-nacht Verkerker is op zijn post. Hij beveelt rechts en links, aan wie maar aan zijn kommando's een gewillig oor verleent. De vlootvoogd smaakt de geneuchten van een stevig ontbijt en vermeit zich in de lectuur der Nieuwe Rotterdamsche Courant. Het is een genot de stoere stuurlui De Jingo en Jhr. Mr. Brandhout van Eschdoorn gade te slaan, in dit gewichtig oogenblik, een hoofdmoment in

Sluiten