is toegevoegd aan uw favorieten.

De Friezen te Rome

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Dat behoeft niet," hernam Izaiik, die een overval van vrouwelijke nieuwsgierigheid scheen te vreezen: „wanneer ik iets noodie neb, zal ik uw diensten komen inroepen: en om te beginnen verzoek ik u, mij deze kom vol zuiver water te doen koken. — Maar zfeke "miJ oogenblik toevens vertraagt de genezing des

Er was niets tegen dit gezegde in te brengen: Amalazwinthe en haar juffers verlieten het vertrek: en zoowel de Abt als broeder >~ervaas volgden, hoewel schoorvoetende, hun voorbeeld.

VII.

Gelijk de Abt voorspeld had, was de aanval op het Vaticaan niet hernieuwd geworden en de nacht rustig ten einde geloopen. Met net vertrek van Trazamundus scheen het gevaar geweien, en vroeg in den morgen ontving de bezetting versterking uit de naastbijgeJegene plaatsen: weldra bekwam men tijding uit Rome, dat de Consuls en de verdere Regecring, van den eersten schrik bekomen, de noodige maatregelen genomen hadden om te voorkomen, dat do rust der stad verder werd gestoord. Men had echter nog geen onderzoek naar de aanstokers van het oproer durven doen; want ofschoon hun namen geen geheim waren, was echter hun aanhang te groot en hun gezag te zeer gevestigd, om hen zonder stellige bewijzen te beschuldigen; terwijl Paschalis en Kampulus, verzekerd van straffeloosheid, zich zelfs verstout hadden, een vergadering van Bisschoppen te beleggen. Paus Leo van onderscheidene misdaden aan te klagen, en een der hunnen naar Koning Karei af te vaardigen om af te vorderen ® ' "J* Êrond van onwaardigheid, van hem

Op het \aticaan werd deze dag door niets gekenmerkt, dat hier verdient te worden opgeteokend: en men kan licht beseffen, dat iorteman, na de vermoeienissen der vorige dagen, vroegtijdig de ïust zocht, welke hij nu kon genieten, zonder vrees dat iemand hem van plichtverzuim zou beschuldigen. — Hij leide zich dus met een luchtiger hart te bed, na aan Okko gelast te hebben, hem vroeenjdig te wekken, en vergat weldra in een diepen slaap dat er een raus in de wereld was.

Het was reeds laat in den morgen, toen Okko zich voor het bed van iorteman vertoonde, slaperig, geeuwende en met dikke oogen.

„.dij mijn H. Patroon, nep Forteman, toen hij, haastig opgestaan zijnde, aan de hoogte van de zon bemerkte dat hij zich verslapen had: „gy begint uw betrekking als schildknaap al vrij slecht. Indien gij niet meer zorg draagt, de daaraan verbonden plichten te ver. uilen, zoudt gij beter doen naar de school terug te keeren en de