is toegevoegd aan uw favorieten.

De Friezen te Rome

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bladz. 54, reg. 41. Het was eigenlijk eerst in 801, dat Izaak door den Khalif aan Karei gezonden wera. Zie de Annales Einhardi, op dat jaar. In 807 werd dat Gezantschap hernieuwd en kostelijke geschenken bij die gelegenheid aan Karei gezonden, welke men opgenoemd vindt in de Annales Einhardi Fuldensis ad annum 807 bij Pertz.

Bladz. 71. reg. 4. Irene, echtgenoote van Keizer Leo IV, bjeef na den dood van dezen, die in 780 voorviel, het rijk eerst in naam van haar onmondigen zoon beheerschen; doch liet hem, toen hij tot mannelijke jaren kwam, de oogen uitsteken, en regeerde voorts alleen tot in 802. Deze staatzuchtige vorstin liet zelfs naar hand aan Karei den Groote aanbieden, en de onderhandelingen waren reeds aanmerkelijk gevorderd, toen zij door zekeren Niceforus van den troon gestooten werd.

Bladz. 74, reg. 16. Het Paleis, waarvan in den loop van dit verhaal gewag wordt gemaakt, is waarschijnlijk betzelfde, dat Nero nabij zijn tuinen liet bouwen en hetwelk naderhand door Konstantijn aan den Paus in eigendom geschonken werd.

Bladz. 92, reg. 23. Het is bekend, dat Karei, te midden der weelderigheid van zijn hof, de grootste eenvoudigheid in kleeding en spijzen bleef bewaren.

Bladz. 94, reg. 29. Volgens Platina, de vita Pontif., p. 281, was Keizer Leo IV een groot minnaar van edelgesteenten, zoo zelfs, dat hij zich nooit vertoonde dan met een kroon op 't hoofd, welke van de kostbaarste juweelen was samengesteld. Aan de zwaarte dier steenen of aan !le koude der juweelen schrijft men de beroerte toe, welke zijn leven eindigde.

Bladz. 103. reg. 20. Volgens de geschiedenis zond Karei den Paus, die hem, na zijn ongeval, te Paterborn kwam opzoeken, terstond met een goed geleide naar Rome terug, en volgde hem zelf aldaar in het jaar 800, terwijl de kroning en het straffen van Paschalis en Kampulus 'eerst in 801 op het Kerstfeest plaats hadden.

Ofschoon werkelijk Grimoald, Hertog ven Benevent, zich te dier gelegenheid tegen Karei verhief, is echter zijn eedgenootschap inet den Hertog van Fcrrara (een personaadje van mijne vinding) geheel verzonnen. Een dergelijke rol als die Bohemund hier voert, speelde, ten behoeve van het huis van Dezideer, Rotgaud, Hertog van Frioul, die zijn verheffing insgelijks aan Karei te danken had.

Bladz. 103, reg. 26. Magnus Forteman was, volgens de oude Kronieken, de eerste, die, onder den titel van Potestaat, Friesland bestuurde.

I