is toegevoegd aan uw favorieten.

Wijsheid en schoonheid uit China

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wat iemand van zijn leven overkomen kan. Een man darijn, weet hij, heeft ander gewaad dan hij, draagt de kristallen knoop op zijn hoed, en is onzeggelijk „t'é bièn", ongeveer ons „fatsoenlijk". En dan de keizer! De Zoon des Hemels wien de geheele Aarde toebehoort! En zoo'n Si Dzin Kui, een opperbevelhebber, die met den keizer omgaat, en met eerbewijzen en gunsten wordt overladen. Een hoog mandarijn alléén, zonder tooneelspel, is al iets enorm gewichtigs om naar te zien.

En wat de Chinees nu zoo verrukkelijk vindt in deze vertooning is het deftige zitten van Si Dzin Kul, met die verbazend wijze mouwen, die zoo diep neervallen, en waardoor hij zijne handen alleen met heel statige, voorname gebaren kan oplichten, en het zijn de keizerlijke draken, die hij mag dragen, omdat hij zoo'n allerhoogst mandarijn is, en het zijn de almachtige bevelen, met hooge keelstem uitgestooten in het aristocratische mandarijndialect. En hoe die andere mandarijnen — zelf ook hooge — voor hem neerbuigen, hoe ze hun handen dan houden, en hoe ze hun voeten zetten; hoe verschrikkelijk voornaam zulke dingen zijn, dat prachtige stappen en dat plechtige buigen, en dan weer heel stil staan met dat goud, ja vooral dat goud zoo overal om hun lijf — al deze dingen is een Chinees nooit moe om te zien, hij groeit