is toegevoegd aan uw favorieten.

Wijsheid en schoonheid uit China

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

151

En was toen heusch, heusch altijd Tao in mij als een goede hoeder, en was het Tao die glansde in haar oog? Was Tao in alles wat mij omgaf, in de luchten, in de boomen, in de zee? Is de essence van de aarde en de hemelen dan de essence van mijn Lief en van mijne ziel? Brandt het daarna zoo in mij van vreemd verlangen, dat ik niet kende, en mij rusteloos voortdreef? Ik dacht dat het mij wilde wegnemen van mijn Liefste, en ik haar nu niet meer liefhad. Maar was het dan werkelijk het Rythme, dat ook mijn Liefste beweegt, op welke de gansche natuur ademt, en de zonnen en planeten lichtende door de eindeloosheid gaan? Dan is alles gewijd, dan is in alles Tao, wat ook mijne ziel is. O Vader, vader, het wordt zoo licht in mij. Ik geloof dat mijn ziel reeds vermoedt wat komen zal, en ook de hemelen boven ons, en de groote zee. Zie, hoe de boomen om ons aandachtig staan, en zie de lijnen om de bergen in teedere devotie. De geheele natuur beeft van heiligheid, en ook mijne ziel siddert van zaligzijn, want zij heeft haar Liefste gezien."

Ik zat langen tijd zwijgend, in stil vergeten. Het was mij toen of ik één was met de ziel van mijn' leermeester en met de natuur. Ik zag niets, noch hoorde, en ik was verlangeloos, zonder wil, in diepe rust. Ik werd wakker door een zacht geluid naast