is toegevoegd aan uw favorieten.

De sluier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

jou raakt, raakt an mij, ik vin je 'n verdomd gezellig beest, nou weet je 't."

— Kom, malle seelie, je had ommers honger, eet dan nou en laat die kat waaie, wie is 'r nou zoo mal met 'n kat, tjazzes.

— Moeder, je bent 'n onverbeterleke uil, neem me niet kwalek," antwoordt de jonge man, den kater los latend.

— Dank je wel, jonge, dank je wel.

De familie zit nog smakelijk te smullen aan de ossenlapjes met aardappelen en sla, als tegen half zeven 't vinnig geringel van de electrische schel wordt gehoord.

— De krant", zegt Bart, ,,la maar belle hoor."

— Nee zeker niet, dan pakke ze 'm weer weg, net as laast, de richel is veels te klein om wat onderdoor te steke, ga maar effe hale, je heb jonge beene", pruttelt z'n moeder.

— Hè, dat gezanik met die rotkrant onder je ete, met permissie gezegd van je lijf orgaan," antwoordt de sigarenmaker opstaande. Die hatelijkheid is aan 't adres van de „politieke" gezindheid zijner moeder, die alle troost voor haar dagelijksche beslommeringen put uit haar geliefd krantje De dagelijksche Bode en 't bestaan van eenig ander blad slechts bij geruchte weet. Bart had veel liever 'n abonnement op De Werkers, doch juffrouw Stam legde 'n intuïtieven afkeer tegen dien naam aan den dag, zeer goed begrijpend, dat De Werkers geen blad voor haar was, niet omdat ze zichzelf niet onder de werkers rekende,