Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

want ze werkte Zich juist half lam in d r huishouden, maar wat had 'n mensch aan al die flauwe kul over stakingen en vergaderingen en vakvereenigingen, wist zij veel, allemaal bederf van den tegenswoordigen tijd, alles werd 'r maar duurder mee, want as 'n baas meer loon mot geve, dan motte de klante vanzelfs meer betale. Zij hield dan meer van „De dagelijksche Bode", 'n prettig, aardig krantje, met veel stadsnieuws en zoo en Zaterdagsavonds nog 'n apart nummer met 'n hoop plaatjes en verhaaltjes, daar had 'n mensch wat an. Bart leest ,,De Werkers" nu maar onder schafttijd in de fabriek; samen met 'n kameraad heeft hij zich op 't socialistische blad geabonneerd.

De trappen afdalend om 't lijforgaan van z n moeder te gaan halen, wordt hij hierin tegemoet gekomen door Maurits Ekelvoort, die net wou uitgaan en de krant al

heeft aangenomen.

— Als 't u blieft, meneer", zegt Maurits, „ik ben maar

zoo vrij geweest."

— O, dank u wel, meneer", antwoordt Bart, dan weer

gauw naar boven terughollend.

Maurits begeeft zich op weg naar den dokter. Het spreekuur is van half zeven tot half acht. Om er spoedig te zijn, pakt hij 'n tram. Het is voor 't eerst van z n leven, dat hij bij 'n dokter op consult gaat; ziek is hij in Amsterdam nooit geweest en als hem vroeger in Utrecht,

Sluiten