is toegevoegd aan uw favorieten.

De sluier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Den brief kan hij dan onderweg in de bus doen. En in prikkel van ijver zet hij zich terstond aan z'n cilinderbureautje, alsof 't geen minuut langer uitstel kan lijden. Na even scherp te hebben gedacht, waarbij hij onbewust met z'n pen op de vloeimap tokkelde, schrijft hij, in net, duidelijk leesbaar schrift : „Lieve Nancy. Je raad van gisterenavond om mijn ongesteldheid uit te vieren, zal ik gehoorzaam opvolgen. Zonder bepaald ziek te zijn, voel ik me toch echt influenza-achtig, zoodat 'k maar stilletjes thuis zal blijven, om erger worden te voorkomen. Je behoeft je volstrekt niet ongerust te maken, want 't is niets dan 'n gevatte kou, die ik maar flink zal trachten uit te zweeten (excusez le mot), dan ben 'k 't weer gauw kwijt. Vooral voor de avondlucht zal 'k me in acht nemen ; 't was gisterenavond wel lekker weer, maar toch nogal frischjes en ik had geen overjas aan, zooals je weet. Als ik braaf oppas, ben 'k over 'n paar dagen wel weer present. Laat vooral niemand naar me komen informeeren, want een dusdanige belangstelling zou ik, met permissie gezegd, heel vervelend vinden, hoor ! Ik zal zelf wel bulletins uitgeven, in den vorm van briefkaarten, om je van mijn „toestand" op de hoogte te houden. Goed begrepen dus ? Voorloopig zij reeds tot je geruststelling bericht, dat ik doktersbehandeling nog niet van noode acht. Dag, lieve aanstaande vrouw, tot spoedig wederziens! Weest hartelijk gegroet van je liefhebbenden Maurits." —