is toegevoegd aan uw favorieten.

De sluier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Ja, ik hoor je wel, je hoeft nie zootegille", antwoordt Bet.

Kee doet behoedzaam de kamerdeur open, bang voor ontsnapping van den kater. — ,Waar is Piet nou ? hou jij 'm nou vast, waar is-i ?"

— 'k Zal 'm wel angeve", zegt Bet, naar achter gaande, ,,'k zie 'm al, kom maar Pieteke, hij is zoet, hoor, zoete Piet, komme-dan-maar bij de vrouw, zoooo."

De kater laat zich lijmen en nadert haar met z'11 staart in den hoogstand, terwijl hij 'n knorrig geluidje uitschort. Dan pakt ze het argelooze dier plotseling met 'r klauwhanden vast, zooals 'n slangenmuil wel op 'n duifje toeschiet.

Kee is weer teruggekeerd in 't portaal om den snijder op te wachten. Maar tot hare verbazing hoort ze geen voetstappen meer. — ,,Hé, baas, hier mot je weze !" gilt ze in den wilde weg, wel vermoedend, dat de man ergens voor 'n deur heeft halt gehouden, niet wetend of-i nog hooger moest.

— O, is 't bij u", antwoordt de stem en 't trappengesjok wordt hervat.

Juffrouw Schoof ziet nu 'n jongen man van 'n jaar of twintig naar boven komen, in blauw boezeroen en met 'n aardappelenzak in z'n hand.

— Komt de baas niet ?" vraagt ze teleurgesteld.

De jongeling veegt met 'n rooden zakdoek 't zweet van