is toegevoegd aan uw favorieten.

Drie aesthetische studiën

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als een voorwerp aansprakelijk is te stellen voor het verkeerd gebruik, dat er van gemaakt wordt, evenmin kan men het aan de kunst verwijten, indien zij bij sommigen, in plaats van schoone aandoeningen te wekken, een ongunstigen invloed oefent die geenszins in hare bedoeling lag.

Slechts dan is de kunstenaar te veroordeelen, wanneer hij zekere stoffen kiest juist met het doel zinnelijk te prikkelen, speculeerende op 's menschen kwade hartstochten. Dan toch bezondigt hij zich aan een najagen van doeleinden, die buiten het gebied der kunst liggen. Zijn figuren maken dan niet meer den indruk van naakt, maar van uitgekleed te zijn; zang en dans dienen dan niet meer tot streeling van het oor of tot tentoonspreiding van bevalligheid, maar tot opwekking van seksueele driften. Het kwade wordt dan afgeschilderd als iets verlokkends en verleidelijks, met verzwijging en verduistering van al de ellende, die er uit voortvloeit, van al het leelijke, dat het aankleeft; en een nadeelige invloed is dan niet alleen te duchten bij onreinen van geest, maar ook bij onbedorvenen van hart.

Evenmin als aan de moraal, is de kunst dienstbaar te maken aan den godsdienst. Zeer zeker kunnen kunst en godsdienst samengaan, en kunnen in de specifiek religieuse kunst godsdienstige en aesthetische gevoelens verbonden zijn. Maar de