Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zal de kunst zich volop kunnen ontplooien, dan moet haar ook noodwendige vrijheid gegund worden, en kan zij niet aan den leiband loopen van godsdienst, politiek of welke andere tendenz. Want de kunst wil haar eigen weg bewandelen, en niet eenvoudig dienen tot voermiddel van de verwezenlijking van idealen, die op zich zelf wellicht zeer schoon en prijzenswaardig zijn, maar die met het aesthetisch-schoone niets te maken hebben. Terecht merkt Cherbuliez op '): «Le paysan qui trouve que la peinture ne sert & rien, est plus prés de la vérité que le puritain qui prétend la mettre au service de la morale, que le philosophe qui la charge de nous révéler le verbe ou je ne sais quelles entités métaphysiques».

De vreugde, die de kunstenaar vindt in zijn arbeid en die hem prikkelt tot werkzaamheid, is voor een groot deel gelegen in de lust die uit elk werken naar eigen keuze ontspringt. De kunstenaar voelt zich bij zijn productie vrij in de ontplooiing zijner gaven en vermogens; en juist de omstandigheid, dat geen onmiddellijk doel de richting van zijn werken beheerscht, geeft hem dat gevoel van vrijheid en ongebondenheid.

Evenzoo vindt de aanschouwer van een kunst-

1) Victor Cherbuliez. 1'Art et la Nature. Parys 1892, pag. U.

Sluiten