is toegevoegd aan uw favorieten.

Drie aesthetische studiën

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

driften en neigingen, die voor het individu en de soort van groot nut zijn. Maar bij zijn kunstgenieting behoeft zich de mensch deze biologische beteekenis geenszins klaar bewust te zijn, en deze kan dus ook nimmer als het bewust-gewilde doel der kunst beschouwd worden.

In zooverre de kunst geen praktisch doel nastreeft, ten minste waar zij zich niet verbindt met de industrie tot kunstnijverheid, zou men in oeconomischen zin haar een weelde kunnen noemen. Alsdan echter valt onder dat begrip ook al datgene, wat aan het leven zijn eigenlijke waarde verleent, juist omdat het niet samenhangt met onze stoffelijke nooden en behoeften. Daarenboven is het schoone zelf moeilijk een kunstmatig voortgebrachte weelde te noemen, want allerwegen in de natuur vinden wij kwistig een schoonheid rondgestrooid, die niet vanbuitenaf is aangebracht maar die toch het oog verkwikt of het oor weldadig aandoet.

Daarenboven is de kunst, hoe overtollig schijnbaar ook, inderdaad van niet geringe beteekenis voor het leven. Door een hoog opgevoerde maatschappelijke arbeidsverdeeling toch is ons leven zeer eenzijdig geworden, bij de meesten opgaande in eentonige, dagelijks wederkeerende beroepsbezigheden, die geen voldoenden uitweg bieden aan tal van opduikende gemoedsaandoeningen en