is toegevoegd aan uw favorieten.

Drie aesthetische studiën

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door de er aan vastgekoppelde voorstellingen. Vandaar dat de levenlooze natuur uiterst zelden lachwekkend werkt; om dieren evenwel lachen wij dikwijls, wanneer hun uiterlijk of gedraging ons aan menschen doet denken. Want alle nabootsing heeft neiging een komischen indruk te maken, vooral wanneer nabootsend en nagebootst object heterogeen zijn. !)

Het lachen draagt een echt sociaal karakter. La Bruyère zegt ergens: men weent in eenzaamheid, men lacht in gezelschap. Inderdaad, hierin ligt een merkwaardig onderscheid tusschen beide uitingen van gemoedsaandoening. In zijn droefheid wordt de mensch liefst alleengelaten; 2) zijn vreugde daarentegen deelt hij gaarne met anderen. Ongetwijfeld, van een schoon natuurtafereel of van een kunstwerk kan men best alléén genieten; maar is het genot van dien aard, dat het tot lachen aanspoort, dan voelt men zich eerst recht bevredigd, wanneer ook anderen dat genot met ons deelen. Zelfs wanneer wij voor ons zelf een humoristisch tijdschrift lezen, en glimlachen of in lachen uitbarsten over een welgeslaagde

1) Ook het psychisch genot van het spel berust grootciidceis op dit clement van nabootsing.

2) Ook dieren trekken zich terug in een stil hoekje, wanneer zij zich ziek of verdrietig voelen.