is toegevoegd aan uw favorieten.

Drie aesthetische studiën

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maar ook veel dat tragisch en onvolkomen is, waar schijnbaar en oppervlakkig hezien slechts schoonheid en edelmoedigheid te roemen vallen.

Wanneer daarom Lipps de eigenlijke kern van den humor zoekt in het relatief goede, schoone en redelijke, dat ook dóar gevonden wordt, waar het naar onze gewone begrippen niet aanwezig is en gemist wordt, dan komt mij die opvatting te optimistisch voor. Maar evenmin is de humor pessimistisch van grondtoon. Wèl geeft hij blijk van een diep gevoel voor al het gebrekkige, onvolkomene en leedvolle dezer wereld, maar hij zit niet in zak en assche, jammerend over al dat leed en al die smart. Ware dit het geval, dan zou een zwartgallig cynisme geboren worden. De humor daarentegen wijst op een gezonder en minder wanhopige levensbeschouwing. Wel is hij niet uitgelaten vroolijk en uitbundig, maar evenmin weeklagend en neerslachtig. De moeiten des levens zoekt hij niet te bewimpelen en ziet hij open onder de oogen; maar terzelfder tijd tracht hij troostvolle gedachten te wekken en te stemmen tol berusting. Vandaar de opbeuring, die hij zoovelen schenkt in moeielijke oogenblikken; vandaar ook dat de lectuur van echt humoristische geschriften nooit stemt tot somberheid, maar steeds weldadig aandoet.

Sommige, vooral Duitsche, schrijvers hebben