is toegevoegd aan uw favorieten.

Wijsheid en schoonheid uit Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bah, wat een lafheid, schaam ik mij niet? Maar ik voel, dat ik bang ben, bang voor die herrie, voor die broeiing, voor dien walm, voor dien stank, voor alles, en ik loop zoo hard ik kan door al die bruine en gele duivels, zoekend een zijweg, waar de herrie aan voorbij joelt en ik vluchten kan.

Moê, o hoe moê en bang ben ik van al die kleuren, van die zware, oostersche geuren, van dat woelende, wemelende beweeg! Hoe die donkere bruine en gele en somberzwarte menschen daar door elkander krioelen, over den rossigen grond, tusschen kobaltblauwe en indigo-paarsche huizen, waar goud schittert en opvlamt 't bloedende rood! — Hoe die wilde jacht dl maar voort-ratelt van hollende ricksha's en rammelende gharry's, onder 't wilde, helle geschreeuw als van duivelen zoo woest! — Gelukkig, daar zie ik eindelijk een eenzame zijstraat, waar weinig menschen loopen, met enkel hier en daar een lichtje voor een donker huis. Nu gauw hier in geloopen. — De oostersche lucht blijft er altijd nog hangen, je weet niet van wat, van wierook