is toegevoegd aan uw favorieten.

Wijsheid en schoonheid uit Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

velen en bergen rijzen, die ik nooit kon aanzien van nabij, maar ik voel zéér innig het gebaar van hunne lijven, hun zachte, gracelijke golvingen, en dit is mij genoeg, voor héél mijn leven, als dichters, van wie ik het innigste wel weet, al mocht ik nooit hun aangezicht aanschouwen van nabij.

Nóg méér stations nu, met hun mooie, melodieuze namen, Tjibadak, Parangkoeda, waar overal die donker-bronzen menschen staan te wachten, de manden met roode vruchten en frissche, dauwbeparelde groente op 't hoofd. Er komen nu andere passagiers in mijn wagon, donkere indo's, die wel gaarne Europeanen willen zijn, maar zon doorgloeid hun bruine huid, en oostersche schittering in de zwarte oogen. Zij leven innerlijk op de grens van 't Oosten en 't Westen, maar in hun ziel gloeit pracht van oostersche zon en de heete passies van Maleier en Javaan zijn broeiend in hun warme bloed.

Zacht remmend daalt de trein nu naar de vlakte af, en met haar valt aan alle zijden 't bruisende, geel-schuimende water, dat van de bergen rolt, klaterend en ruischend. Het

7