Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Joost ging er niet op door. Hij had zich onderwijl een nieuwe grog klaar gemaakt.

„Jij ook nog?" — animeerde hij Leen."

„Nee dank-je" - weigerde deze. „Ik ben het niet zoo gewend ..

„O, maar tegenwoordig ik ook niet, hoor!" — verootmoedigde Joost zich. „De heele week heb ik nog geen druppel over m'n lippen gehad."

Leen antwoordde niet, keek plotseling strak voor zich uit, als dacht hij aan iets onaangenaams.

Joost begon zich al meer en meer thuis te voelen.

„Nelly zag er slecht uit, Leen, vond-ik" — zei hij vertrouwelijk. „Je moest eens met d'r naar buiten: de Rijn af, of naai' het zuiden van Frankrijk. Dat zou d'r goed doen."

„Tjaaa." — zei Leen bedenkelijk. „Maar jongen .. maakte hij met een bedrukt gezicht de beweging van geld-tellen.

„Nou!" — schok-lachte Joost ongeloovig, de wenkbrauwen hoog opgetrokken, de oogen klein-glinsterend: „Je hoeft toch ook alles niet op te potten!..

Maar zijn lach slonk weg onder den boos-verwonderden bik, waarmee Leen hem aanzag.

„O, zeg!" — bracht Joost plots het gesprek op iets anders: „Ik heb vanmorgen die water-verversching eens op m'n gemak opgenomen . . . Maar wat is-tat een prulle-boel! ... Het geeft niks zoo! .. . Ik kan net zoo goed met een netje het vuil uit de sloot gaan

3

Sluiten