is toegevoegd aan uw favorieten.

Samenleving

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in Breda, in plaats van in Rozendaal, waar die langs moest. . . Dat noemen ze dan geleerde verstrooidheid! (ïod betert!.. . Ik zou me toch m'n oogen uit m'n kop schamen! . . . En, als nou zoo iemand nog véél aan zijn kop had ...!

Maar vin jij 't niet erg, Leen" - vroeg hij plots weer ernstig, dringend, toen deze bleef zwijgen.

„Och — zei Leen vergoelijkend.

„Ik noem zoo iemand een sukkel, een knülletje r een doetje" - draafde Joost door gemoedelijk spottend de lippen vooruit gestoken, de oogen gewimperd.

Het was bij éene, toen Joost vertrok.

Leen bleef nog een poos nazitten: vooreerst kon hij toch niet slapen. Hij had wat te veel gedronken, was het ook niet meer gewend 's avonds, hij voelde zich overspannen: het bonsde en knelde onophoudelijk in zijn dof-dik hoofd, waarin al Joost z'n woorden wel opgehoopt schenen. In zijn herinnering hoorde hij telkens weer de heftige uitroepen en waan-wijze theorien, verwarder nog dan in de werkelijkheid. Joost was hem eigenlijk een raadsel, waar zijn afgematte gedachten maar al om heen draaiden, zonder veel tot de wezenlijke kern te naderen .... Hoe het bijvoorbeeld mogelijk was, dat iemand zoo zorgeloos zijn geld tot den laatsten cent verbraste, - terwijl hij toch wist tot geen eene betrekking in staat te zijn — kon hij, met zijn gezonde levensprincipes maar niet begrijpen. Hij be-

3*