Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voortdurend on-echt doen, een comediespelen voor zijn vrienden, als een razende aanvallend op alles. Maar hij kón het niet meer laten: het was hem een gewoonte geworden . . . Dan ook scheen hem het leven, dat hij tot nu toe geleid had, niet zijn eigen, eer dat van een goeden bekende ...: waar hij slechts flauw op achtte. Telkens nam hij zich dan vast voor anders te worden; en 's avonds bezat hij ook de kracht daartoe, maar den volgenden morgen was die altijd weer verdwenen.

Tot. het laatste toe had hij in de beste verstandhouding samengewoond met zijn zuster.

Zij hield van hem. Zooveel zelfs, dat ze hem maar liet doorbrassen, terwijl ze even goed als hij wist, dat het kapitaaltje, door hun moeder nagelaten, snel inteerde. Eindelijk hadden ze getracht door een speculatie alles te herstellen, . . . maar die was ongelukkig afgeloopen; en — zooals het veelal gaat — „waar de armoe binnenkomt, gaat de liefde de deur uit" . . . Hij had zich al meer en meer van zijn zuster verwijderd. Van dien tijd dateerde ook de intieme omgang met de Eringaards. En hij geloofde ook altijd nog, dat zijn zuster jaloersch op Nelly was, dat dit voor een groot deel de oorzaak was van de verwijdering tusschen hen beide. Nog een vol jaar woonden ze samen, toen liep het zóo ver, dat ze tot den verkoop van het buiten besloten . . . Het werd tijd ook: want het kapitaal was schoon-op, en het buiten zou allicht toch

Sluiten