is toegevoegd aan uw favorieten.

Samenleving

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een vijf en zeventigduizend gulden opbrengen ... Maar ook dat was ontzettend tegengevallen: na aftrek van de onkosten kreeg ieder eene groote vijftienduizend gulden.

Zijn zuster was toen op een bovenhuisje gaan wonen, leefde zooveel mogelijk van haar rente en verdiende in het geheim nog wat met agenturen. Hij was op deze kamers terechtgekomen.

Toen had hij het bijna-ongeloofelijke tot feit gemaakt: in een jaar had hij de vijftienduizend gulden erdoor weten te brengen . . . stom, stom! Ja! verdomd stom! Maar ging maar eens leven als een onderwijzer van zeshonderd gulden, wanneer je het altijd roijaal gewend geweest was, en je hadt nog wat geld'. In iedei geval... hij kon niet anders.

J ot den laatsten cent had hij geleefd alsof hij nooit finantieele zorgen zou hebben, en daarna nog...: maanden, op crediet. Maar eindelijk was het onvermijdelijke gekomen, bedrongen door moeielijkheden, die van alle kanten verrezen, overweldigend als aanschuivende hooge rots-wanden, was hij - geen uitweg meer ziende — in gelaten afwachting op bed gaan liggen; daar was het tenminste warm en had hij rust.

Na een paar dagen was Leen hem komen opzoeken. Hij had toen spit in den rug voorgewend: kon geen spier bewegen zonder te krimpen van pijn. Leen had er natuurlijk geen oogenblik aan getwijfeld en was hem trouw blijven bezoeken, had medicijnen gestuurd