is toegevoegd aan uw favorieten.

Samenleving

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Kijk maar eens binnen-in" - duidde Leen nader aan.

„O...!" — ontdekte Hetty. En langzaam las zij: „Van ... mijnen ... besten ... vriend."

„0 ja: „van... mijnen besten... vriend"" - bevestigde Zus.

„Nou, is dat niet zoo?" — vroeg Leen, en het scheen hem een klein, zoet genoegen het door de kinderen te hooren bevestigen.

Hetty knikte zwijgend, verlegen. Zus keek hem even dweepziek aan met haar mooie groote oogen, en er was iets plechtigs in haar stem, toen ze het zei zacht, volmondig: „Ja."

Nelly's strak gezicht werd nu ook verzacht door een zwakken glimlach. Ze vroeg de armbanden te zien, en vond „dat Pa weer veel te goed op zijn dochters was geweest."

Al dien tijd had Joost zwijgend toegezien met zijn gedwongen, hooghartigen glimlach. Hij beneed Leen zijn kalm geluk, het bezit van zulke kinderen. En een oogenblik kwam het valsch in hem op: dat Leen, die zoo opging in zijn huiselijk leven, dan ook vanzelf weinig geld noodig had, en hem toch eigenlijk best meer kon geven dan die armzalige tien gulden in de week .... Maar hij werd kwaad op zichzelf om deze lage gedachte, en stelde zich tevrêe met het vaste voornemen, dat hij toch zou meegenieten van die kinderen, en van dit bizondere huishouden, al verzette Nelly er zich ook nog zoo tegen.