Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV.

Henny was ernstig ziek geworden: de keelaandoening was in groupe overgegaan. Dagelijks kwam de dokter, soms tweemaal per dag.

Bijna voortdurend was Nelly boven op de benauwde zieken-kamer, ze at zelfs niet mee aan tafel. Soms moest ze bij alle beslommeringen zich nog met KleineBroer be-moeien, om die rustig te houden, wanneer Henny even sluimerde. Eerst 's avonds, wanneer de twee jongsten sliepen, en zij eindelijk, uitgeput, slap in een stoel neersmakte, gebroken door over-vermoeidheid, kwam ze wat tot rust. Dan lag ze lang achtereen, sprakeloos te star-oogen in den schemer, te moe en te overspannen nog om in te slapen, moeizaam overdenkend al de ellende, reeds in haar kort huwelijk geweest, of zeker nog te wachten; en dan vroeg zij zich af, of zij dit afmattende leven ten einde zou kunnen volhouden ... bij welken twijfel haar zorg nog verergerde.

En terwijl deden Hetty en Zus lief stil-bedrijvig en met zorgzamen ernst het hnishouden: schonken haar thee in of gingen, behoedzaam op de teenen loopend, boven kijken of Henny en Kleine-Broer wel sliepen.

Maar den meesten tijd zaten zij aan weerskanten

Sluiten