is toegevoegd aan uw favorieten.

Samenleving

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

trottoir-banden en stoepen, en de witte deurposten en kozijnen der zindelijke, wei-gestelde huizen; en ook de helder-grijs-blauwe straat-klinkers — schoongespoeld door de zware regens der vorige dagen — verhoogden het prettig aanzien van de straat. En boven dit alles zacht-blauwde diep de lente hemel met hier en daar een enkel vlokkig, wit wolkje, dat zachtjes overdreef. Alles scheen van vredige rust, van welvaart en jeugdigen levenslust te getuigen, geen spoor was nagebleven van de stormige en stil-trieste winterdagen.

Even liet Leen zich geheel door zijn aangename indrukken vervoeren: het leven leek hem — evenals deze vriendelijke straat — zoo ruim en teeder-zonnig, en even maklijk te doorgaan, zonder eenige loerende valschheid of drukkende zorg.

En zoo er al eens sombere tijden waren, het zichsteeds-verjongende leven zou die immers bijkans onnaspeurbaar verdrijven, zooals hier. Hij liep vlugger door, begeeiig van Joost te hooren, hoe het ging...: misschien kon hij dan Nelly vandaag al wel met feiten overtuigen, dat hij toch gelijk had gehad.

Joost deed zelf open.

„Kom binnen! Kom binnen!" — riep hij op zijn gewone, luidruchtige manier, het gezicht, als altijd, tot een blijmoedigen grijns vertrokken.

„M n hospita is naar de kerk, daarom doe ik meteen dienst voor portier" — verklaarde hij, en praat-