Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

smakt. Als veel te klein en te nauw zaten de versleten-glanzende kleeren aan zijn lichaam opgeschort, boven den gespannen broekrand een streep goor-wit ondergoed toonend.

„Zoo. Is 't weer zoo?" — bromde Gerard ontevreden in zich zelf. „Ik dacht het al half: Jaappie is weer lazerus vet. Natuurlijk!... Dat is toch een dondersche werk met die kerel. Nou kan ik weer voor de heele boel opdraaien van nacht!... Gofferdomme...

Nijdig greep hij het tweede klepstoeltje, dat de deur had tegengehouden, en keilde het in een anderen hoek, tegelijkertijd een paar laarzen, die verdwaald midden in de hut tusschen zijn voeten stonden, onstuimig van zich weg trappend.

Dat gaf tenminste ruimte!

't Was een eng, vierkant vertrekje over-vol van een viezige rommel: slonzige kleedingstukken, sigaren kistjes, scheer- en wasch-gerei, slordige boeken en stukken vervuild papier lagen overal wanordelijk verspreid, als in tijden niet geruimd; en op een soort aanrechtbank stond een waschkom met zwart-grauw zeep water nog... geflankeerd door een paar flesschen en eenige glazen. De wanden waren versierd met talrijke portretten van verdacht-uitziende vrouwen en eèn enkele hardkleurende reclame-prent.

Haastig begon Gerard zich te verkleeden, terwijl nog onophoudelijk zijn kwaadheid in korte zinnen uitstootend:

11

Sluiten