Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geestdriftige eerbiedsbetuiging aan juist dezelfde kunst, die men als onovertrefbaren norm wilde stellen: „Les temps sont passés oü je ne sais quelle haine aveugle et ridicule fermait nos yeux aux éclatantes beautés de eet art si original, si puissant, si chrétien; mais les temps aussi sont passés oü 1'on faisait de 1'art du XIIIe siècle un idéal impossible a franchir. Quant a moi, j'ai le trés ferme espoir que le monde chrétien a un long avenir devant lui, que nous sommes encore dans les premiers siècles de 1'Eglise, et que pour

abriter l'EuCHARISTIE, nous trouverons encore

plus d'une architecture nouvelle".

Ik vond aanleiding tot het zeggen dezer dingen in een belangrijk opstel, dat het Zeitschrift für christliche Kunst ons bracht1). Ferdinand Luthmer — wiens recht van meespreken in dezen moeilijk betwist kan worden — schreef daarin nl. over Die moderne Kunst und die Gothik en vond gelegenheid, in weinige bladzijden een aantal opmerkingen te maken, die aan het katholieke Nederland niet genoeg ter overweging kunnen worden aanbevolen. Behalve voor het op zichzelf reeds te denken gevend feit, dat een uitteraard zoo retrospectiefgezind tijdschrift als dit orgaan van den Domkapitular Schütgen, plaats inruimt aan een studie over de moderne kunst, worde al dadelijk de

') Jaargang 1899 (dl. XII), Sp. 43. ff.

Sluiten