Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

III

Als „synthese" en „analyse" heb ik ook de beide beschavingsstrekkingen tegenover elkaar gesteld. Inderdaad zou men de drijvende kracht van het middeleeuwsch geestesleven kunnen beschrijven als een verlangen naar de ordening van alle menschelijk vermogen tot een zuivere harmonie. Als de bloemen van een umbellifeer is dit verlangen uit de middeleeuwsche ziel gesproten naar elke richting.

Zie de opvatting der wereldmachten: Gods macht, vervloeiend naar de aarde in twee lijnen: het geestelijk en wereldlijk gezag. De geestelijke en wereldlijke hiërarchie, onderscheidenlijk in Paus en Keizer culmineerend, zijn, van de aarde gezien, de vereening zoekende lijnen, die haar aan den hemel verbinden.

De wereldlijke orde zelf is weer een samenvoeging der deelen tot steeds omvattender geheel: eenheid van belang voegt beroepsgenooten bijeen tot gilden, deze tot poorterijen, edelen tot den adelstand. En uit deze twee groeit, met den geestelijken stand, de staat, die in zijn vorst het middel vindt tot onderschikking aan het Keizerrijk. Ook de wetenschappen worden tot eenheid herleid door een gemeenschappelijk doel: kennis van God.

Historische- en natuurwetenschappen leeren beide

Sluiten