Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Terwijl er ongetwijfeld sinds het midden der vorige eeuw eene herleving der kunst valt waar te nemen, moeten wij erkennen, dat de invloed van het Christendom daaraan geheel vreemd bleef en zelfs moeten wij toegeven, dat hetgeen ten behoeve van het katholicisme in de laatste eeuw werd en wordt gemaakt geenszins een oorspronkelijk karakter bezit.

Aan den eenen kant hebben-architectuur en kunstnijverheid werken voortgebracht, waaraan velerlei en groote verdiensten niet vallen te ontzeggen, maar die toch een eigen stempel van onzen tijd te zeer ontberen; aan den anderen kant werd door schilders en beeldhouwers, voor het dagelijksch kerkelijk en particulier gebruik, een overvloed van pieuse producten vervaardigd, waaraan — bij allen eerbied, voor de vrome intentie — eenige artistieke beteekenis niet kan worden toegekend. Twee vragen intrigeeren: hoe is deze misstand ontstaan en hoe kan hij verholpen worden. Op de eerste vraag is in den laatsten tijd — door den heer Molkenboer — geantwoord, dat de kunst een product is der maatschappelijke omstandigheden, en dat het ontbreken eener specifiek-christelijke kunst dus aan onze oeconomische verhoudingen zou zijn te wijten. Het komt mij voor, dat deze verklaring een al te gereede aanvaarding van het historisch materialisme is. Maar indien men de praemisse, dat ook geestelijke

Sluiten