is toegevoegd aan uw favorieten.

Van oude en nieuwe kunst

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

christelijke kunst valt in het oog. Ontstaan in een tijd, toen de kunst nog niet bij machte was met andere middelen uit te drukken wat zij zeggen wilde, gaven deze teekens later, toen men ook wel zonder zulke hulpmiddelen de gewenschte expressie bereiken kon, aan de gewijde tafereelen de bekoring van het oude, het onveranderlijke, het traditioneele.

De beeldhouwer van « le beau Christ d'Amiens », verstond het wel Liefde en Majesteit in den Christuskop te laten spreken, maar al vond hij geen plaats voor den nimbus, hij versmaadde toch noch het traditioneel gebaar, noch het Boek, noch slang en draak onder Christus' voeten, als teekenen, die den aanschouwer er aan herinnerden, dat dit de God was van heden en verleden, de onveranderlijk Zijnde.

Het traditioneele behield in de kunst het grootsche, omdat het haar als onpersoonlijk maakte. Zoo is het mogelijk, dat werk uit den goeden tijd, zelfs van een blijkbaar middelmatig artist, toch altijd iets diepzinnigs en ontroerends heeft, dat in latere kunstwerken wordt gemist. Al was de uitvoerder zwak, de ziel van een gansche schoone maatschappij bleef toch blinken, zelfs in de gebrekkige vormen, die hij schiep.

Een tweede karaktertrek der christelijke kunst, waarop ik wil wijzen, is haar onderworpenheid aan