Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dus, met historische vormen werkende, die toepassen in geheel gewijzigde omstandigheden. Zoo was er maar uiterst zelden een oude indeeling geschikt, en bleef er niet over dan een bestaand uiterlijk naar de eischen van een nieuw innerlijk te voegen.

Al naar gelang van het tijdvak, waaraan men de vormen verkoos te ontleenen, ontstonden nu verschillende abnormiteiten. Begeerde men den Griekschen tempelbouw als voorbeeld, dan bleef niet anders over dan een rij zuilen voor een gevensterden muur te plakken. Koos men voor een woonhuis de vaderlandsche Renaissance tot model, dan stonden er wel „gevels" voor het grijpen, maar slechts de min of meer verhaspelde contouren waren bruikbaar, verhoudingen en indeeling moesten naar de nieuwe opgave gewijzigd. En toch is de „stijl" van zulk een goeden ouden muur niet alleen in den vorm zijner lichtopeningen of in zijn stilhouet te zoeken, maar in de goede verhouding zijner afmetingen en in de wijze evenmaat zijner indeeling door deur en vensters op de eerste plaats. Het essentiëele dus moest veranderd.

„Bouwen-in-stijl" werd op deze wijze ten slotte niet anders dan het construeeren van een naar de eischen der opdracht ingericht geraamte, en het vervolgens daarop aanbrengen van versieringen, ontleend aan zeker tijdvak. Men ontrukte

Sluiten