is toegevoegd aan uw favorieten.

Van oude en nieuwe kunst

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kunst eenig streven merkbaar wordt — dat is, in Nederland, met het optreden van Dr. Cuypers — blijkt zij minder eclectisch te zijn, terwijl daarenboven bij haar het eclecticisme minder kwaad kon stichten.

Tot ondersteuning dezer laatste stelling zij erop gewezen, dat de bouwwerken van kerkelijken aard, in tegenstelling met de civiele, in verleden tijden geheel hun gelijken konden vinden. Want al is het waar, dat ook het katholieke kerkgebouw niet meer dezelfde bestemming had in de negentiende als in de dertiende, of de vijftiende eeuw, dat het Offer ontsluierd en de preek van meer belang was geworden1), het verleden bood toch genoeg dispositiën aan, die voor de moderne behoeften

i) in De Katholiek (Dl. CXXXIII, blz. 82 vv.) is Mgr. Graaf tegen deze beschouwing opgekomen. Hij vindt het „al zeer vreemd", dat men de preek in de dertiende eeuw, toen er nog zoo weinig boeken waren, van minder belang durft noemen dan thans. Dat onze stortvloed van boeken ook meer predikatie eischt, moet de schrijver zelf reeds toegeven. Maar hij verliest toch uit het oog het historisch feit, dat men, tot in de late middeleeuwen, veel minder preekte dan tegenwoordig. Een verlangen naar méér onderrichting van den kansel heeft zich in de middeleeuwen gemanifesteerd en deed ook toen zoeken naar een geschiktere „preekkerk" dan de basiliek was, o. a. in de driebeukige kerk op kwadratisch grondplan en in den tweebeukigen aanleg.

De verdere bedenkingen tegen mijne beschouwing hebben mij evenmin overtuigd. De bewering, dat de Nederlandsche kerkbouw zich aansloot, niet bij de dertiende, maar bij de vijftiende eeuw, ziet de school van Dr. Cuypers, toch ongetwijfeld de voornaamste, geheel voorbij... Dat reeds in de dertiende eeuw „het Offer ont-