is toegevoegd aan uw favorieten.

Van oude en nieuwe kunst

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een „vernieuwing der harten," veronderstelt.

Maar dat dergelijke overwegingen zouden goed pleiten een stilzittend hunkeren naar de dingen die komen zullen, schijnt mij toch een uiterst ongegrond besluit.

Ook met de wetenschap, dat zij tot het scheppen eener wezenlijk groote kerkelijke bouwkunst wel niet in staat zullen zijn, vermogen onze tijdgenoten immers met al hun kunnen daarnaar te streven. En dat zij dan het gemakkelijk ontleenen en ontwikkellen van historische vormen zullen hebben na te laten, is toch duidelijk.

Zij zullen zich hebben los te maken van elke vooropgezette meening, die alleen aan verledene opvattingen haar kracht dankt, en in ieder nieuw geval zich nauwgezet rekenschap hebben te geven van het bizondere der opdracht. Zooals de burgerlijke bouwmeesters dat reeds deden en doen, zullen zij met eenigen durf ook de meest vaststaande traditioneele overtuigingen hebben te onderzoeken, zoowel wat de plattegronden als de opstanden hunner gebouwen betreft.

Gewaande axioma's als de meerbeukige aanleg van elke kerk ... de steenen welving ... de voortreffelijkheid in ieder geval van veelhoekige of halfronde choorsluiting — „der Fialen Gerechtigkeit" — bieden zich al dadelijk ter scherpe toetsing en nog eer betwijfelbare meeningen — als die over de verhouding der schoonheid van een kerk