Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aus Maria Laach, door een archaeoloog van gezag, door Stephan Beissel S. J.

Ook een Benedictijnsche stem klinkt hiermede in harmonie, die van Kuhn, waar hij durft zeggen: „Steeds meer bevestigde zich in de laatste decenniën de overtuiging, dat voor den katholieken eeredienst een groote, ééne, niet door pijlers of zuilen versnipperde of belemmerde ruimte, met vrij uitzicht van alle punten op altaar en kansel, de meest geëigende kerkvorm is — dat daarentegen de romaansche en gothische meerbeukige kerken met hunne pijler- of zuilenrijen veel minder passen".

En, wat veel meer zegt, wij kunnen ook reeds wijzen op kerkgebouwen, die onmiskenbaar van een nieuwen geest getuigen.

Om bij ons eigen land te blijven, zagen wij niet door enkele jonge architecten kerken bouwen, die, hoewel nog geheel in middeleeuwsche vormen gehouden, toch van de al te gebruikelijk geworden „Maschinen-gothik" zich allergunstigst onderscheiden door een wei-overwogen, met liefdevolle toewijding bestudeerde, toepassing dier oude vormen ?

Maar wij zagen toch ook in de eerste jaren der twintigste eeuw de Haarlemsche hoofdkerk voltooien, de nieuwe St. Bavo, waarbij oude gegevens op zoo frissche een onafhankelijke wijze werden verwerkt, dat zij groeiden tot een geheel, dat naar

Sluiten