Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ook Spinoza, met zijn veel geprezen voorliefde voor het heelal, heeft op de geheele wereldbeschouwing van Schleiermacher grooten invloed uitgeoefend, zoodat de monistisch-pantheïstische grondtrek niet zelden in zijn systeem doorschemert. Door de beschouwing van het heelal geraakt de menscli tot het bewuste gevoel zijner afhankelijkheid van het oneindige; maar ofschoon hij God als eenheid boven de veelvoudigheid van het heelal plaatst, heeft hij het toch nooit kunnen brengen tot een openhartige erkenning van een goddelijke persoonlijkheid en een persoonlijke onsterfelijkheid; overigens kwam hij ook meer de optimistische wereldbeschouwing van Spinoza nabij, dan het strenge moralisme van Kant.

Eindelijk wijzen zijn werken de onmiskenbare sporen aan van zijn verkeer met de Romantieken van zijn tijd, de Schlegels, Tieck, Schelling; gedurende dit tijdvak zijns levens schreef Schleiermacher het eerste werk, wat zijn naam en zijn roem zou bevestigen, namelijk zijn: „Ueber die Religion; Reden an die Gebildeten unter ihren Yerachtern" (1779), uitmuntend door de stoute gedachten, die hij daarin blootlegt, zoowel als door de schoonheid van het gewaad, waarin hij ze voorstelt — een ideaal namelijk van een kerk, waarin de mystiek der Hernhutters zich met het exclusivisme der Romantieken tot een phantastisch Idealisme verbond.

De philosophische ader van Schleiermacher scheen onuitputtelijk, en bracht een groot aantal wijsgeerige verhandelingen en geschriften voort: over de geschiedenis der philosophie, en meer in 't bijzonder over de Jonische: Heraclitus, Socrates, Diogenes Laertius, alsmede over de aesthetica, de dialectiek, de politiek, de ethica, enz.

Wat Schleiermacher echter bij zijn geloofsgenooten zijn grootsten roem bezorgd heeft, en waardoor hij zich het scherpst gekant heeft tegen het rationalisme van zijn tijd, was zijn geloofsleer, welke vervat is in zijn werk: „Der christliche Glaube nach den Grundsatzen der evangelische Kirche im Zusammenhange dargestellt (1822).

Schleiermacher gaf dit werk in het licht, om daardoor te trachten eene vereeniging te bewerken van verschillende belijdenissen tot één evangelische kerk, en bevat den inhoud van geheel zijn wijsgeerige en theologische opvattingen.

Alles is hier gericht op het doel, om het positief kerkelijk geloof te vervangen door het godsdienstig gevoel. Langs philosophischen weg had hij zich de overtuiging gevormd, dat het absolute, de absolute eenheid of God, noch door de gedachte

Sluiten