Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij ontegenzeggelijk een klein weinigje enfant gaté, overigens openhartig en eerlijk, rond voor alles uitkomend, stug en norsch, bij alle wetenschappelijke of letterkundige kwesties buitengewoon beslist en vast, en tegenover vriend en vijand ieder ding bij zijn waren naam noemend; daarenboven was hij, als hij schertste, zeer aangenaam en toonde dikwijls een waarlijk humoristisch talent, waarbij niet zelden zijn blond hoofd met de blauwgrijze fonkelende oogen, de lange plooi over de wangen aan beide zijden van den neus, de min of meer schrille stem, en de korte levendige gebaren met de handen, hem een bepaald grijnzerig uiterlijk leenden.

Te midden van zijn boeken en zijn studiën leefde hij bijna volkomen geïsoleerd en tamelijk eentonig, hij zocht ook geen intieme vriendschap, en sloot zich ook aan niemand op bijzondere wijze aan. Toch zag hij zich gaarne op zijn verre en vlugge wandeltochten vergezeld en onderhield zich dan op levendigen toon over enkele letterkundige kwesties, over wetenschappelijke onderwerpen, over voortreffelijke geesten, en bijzonder over drama's en het theater. Al wie hem beminnelijk, aantrekkelijk en onderhoudend wilde hebben, moest met hem alleen gaan wandelen."

Na een jaar te Dresden doorgebracht te hebben, zond hij in de maand Juli het manuscript van zijn Kleurenleer aan Goethe, wat het uitgangspunt werd van een levendige briefwisseling tusschen die beide mannen, wier vriendschap nog niet geleden had onder het verschil van opvattingen.

Toen hij na acht weken hieromtrent niet het minste bericht van Goethe ontvangen had, deelde hij hem onomwonden, met de ietwat straffe openhartigheid die hem eigen was, zijn teleurstelling mede. En daar deze brief zeer kenmerkend is voor het karakter van Schopenhauer, laten wij hem hier in zijn geheel volgen:

WelEdel Geborene!

U zult mijn manuscript: „Over het zien en de kleuren," alsmede mijn schrijven, dat ik u acht weken geleden gezonden heb, ongetwijfeld ontvangen hebben. Want ofschoon u aan mijn verzoek, om er mij de goede ontvangst van te berichten, niet voldaan hebt, kan ik er toch niet aan twijfelen, omdat ik van den heer Dr. Schlosser vernomen heb, dat hij het tijdig ontvangen en u onmiddellijk toegezonden heeft.

Sluiten