is toegevoegd aan uw favorieten.

Arthur Schopenhauer

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eigenschappen, welke niet allen bezitten. Schopenhauer muntte in deze soort van zelfbeoordeeling, die niet alleen de gelijkenis der lichamelijke vormen, maar ook de eigenschappen van den geest in zich sluit, op gehoel bijzondere wijze uit, en de verklaringen, welke hij hieromtrent geeft in verschillende brieven aan zijn vrienden zijn inderdaad belangwekkend en lezenswaard.

Zoo schreef hij op 7 September 1855, aangaande het portret in olieverf, door Lunteschütz vervaardigd, aan Frauenstadt: „Mijn portret staat sedert veertien dagen op de Tentoonstelling ; er is druk geloop geweest; wordt door iedereen bewonderd, en goed gelijkend gevonden; alleen Emden, Kilzer en ik stemmen hiermede niet in." En eenige maanden later: „Ik, Emden, Kilzer, Gwinner en mijn dienstbode zijn 't er over eens, dat het portret van Lunteschütz niet de eigenlijke gelijkenis bezit — maar zoo'n faux air; daarom vinden het groote publiek en alle overigen hier het zeer gelijkend."

Yolgens een gipsafdruk op het lijk van Schopenhauer genomen is door Schierholz een bronzen buste vervaardigd en te Frankfort tot een gedenkteeken opgericht.

HOOFDSTUK III.

Overzicht van de werken van Schopenhauer.

Ofschoon Schopenhauer bij zijn plan om Brockhaus een volledige uitgave van al zijn werken te laten bezorgen, zich voorgenomen had, om er het motto: „Non multa" boven te plaatsen, hebben zijne geschriften, ook op materieel gebied, een grooten omvang bereikt. In de laatste jaren zijns levens dacht hij ernstig aan dit plan, maar slaagde er, ondanks zijne onderhandelingen met Brockhaus, niet in, ten gevolge van verwikkelingen ten opzichte van de rechten, welke andere uitgevers zich reeds verworven hadden.

Wij laten hierachter de geschriften van Schopenhauer — zoowel die welke gedurende zijn leven, als de nagelaten handschriften welke na zijn dood uitgegeven zijn, volgen, zooals wij ze aantreffen in de voortreffelijke, reeds meer vermelde uitgave van Grisebach.

Die "Welt als "Wille und Yorstellung.

Ueber die vierfache "Wurzel des Satzes vom zureichenden Grunde.